Wig

Wig

De wig is het verschil tussen de loonkosten voor een werkgever en het netto loon dat de werknemer ontvangt. De wig bestaat uit twee delen. Het ene deel wordt de werkgeverswig genoemd. De werkgever moet namelijk sociale premies betalen bovenop het bruto loon dat de werknemer ontvangt. Het andere deel wordt de werknemerswig genoemd. De werknemer moet van zijn brutoloon belastingen en sociale premies afdragen. Wat overblijft voor de werknemer is het nettoloon, het loon dat hij op zijn bankrekening gestort krijgt. De belasting en sociale premies worden weliswaar door de werknemer betaald, maar de werkgever houdt het meteen in op het salaris van de werknemer.

Wig

 

In de afbeelding is te zien dat een werkgever maandelijks een bedrag van € 3472 kwijt is aan loonkosten en dat de werknemer hiervan € 1958 netto overhoudt. Het verschil van € 1514 verdwijnt aan premies en belasting. Dit bedrag wordt de wig genoemd en is verdeeld in een werkgeversdeel en een werknemersdeel.

De belasting is voor de overheid en de premies worden gebruikt voor het betalen van de WW, de AKW, de AOW, de AWBZ, de WIA enzovoort. Hoe groter het aandeel van niet-werkenden ten opzichte van werkenden, hoe hoger de wig wordt: alle werkenden moeten het inkomen bij elkaar verdienen voor de niet-werkenden. Het brutoloon van de werknemers verandert niet snel: dat brutoloon is (meestal) afgesproken bij de CAO-onderhandelingen. Maar als de werknemerswig groter wordt, wordt het nettoloon van de werknemers minder. Wordt ook de werkgeverswig groter, dan worden de loonkosten van de werkgevers automatisch ook hoger. Dat vertaalt zich in hogere prijzen en dat is niet gunstig voor onze koopkracht en onze internationale concurrentiepositie.

De overheid grijpt in

Als de overheid in wil grijpen op de arbeidsmarkt, heeft ze twee instrumenten om dat te doen.

Verlaging van de werkgeverswig

Bij een gegeven brutoloon voor de werknemer (CAO-bepaald) kan de overheid de werkgeverswig verkleinen door de werkgever minder premies te laten betalen bovenop het brutoloon. Hierdoor dalen de loonkosten voor de bedrijven, maar voor de werknemers verandert er niets. Daling van de loonkosten remt de vervanging van arbeid door kapitaal. Ook het aannemen van extra personeel is nu rendabeler, maar het hoeft niet zo te zijn dat een werkgever dat ook gaat doen. Minder loonkosten is immers meer winst!

Deze maatregel is dus uitermate geschikt voor de aanpak van structurele werkloosheid.

Wig verlaging werkgeverswig

Verlaging van de werknemerswig

Bij een gegeven brutoloon voor de werknemer (CAO-bepaald) kan de overheid de werknemerswig verkleinen door de werknemers minder belasting en premies te laten betalen. Hierdoor stijgt het nettoloon omdat het brutoloon immers vaststaat, terwijl de loonkosten voor de werkgever ongewijzigd blijft. Door de stijging van het nettoloon hebben gezinnen meer besteedbaar inkomen en zullen ze dus meer gaan uitgeven. De bedrijven moeten hun productie opvoeren om aan de gestegen vraag te kunnen voldoen en hebben meer personeel nodig.

Deze maatregel is dus bij uitstek geschikt voor de aanpak van conjuncturele werkloosheid.

Wig verlaging werknemerswig

Ω

Print Friendly, PDF & Email