Deel van-het-geheel

Deel van het geheel

Bij economie moet je vaak uitrekenen hoeveel procent een deel van het geheel is.

Bijvoorbeeld:

  1. Hoeveel procent meisjes zitten er in een klas?. Er zijn 11 meisjes in een klas van totaal 30 leerlingen;
  2. Hoeveel procent is de nettowinst van de omzet. De nettowinst is € 65.000, de omzet is € 275.000;
  3. Hoeveel procent is 90 van 360;

Dat zijn allemaal delen van het geheel.

Hoe reken je deze “delen van het geheel” uit?

Dat gaat met deDeel van-het-geheel

Je zou dus kunnen zeggen:

  • hoeveel is ….” is het deel in procenten
  • van het ….” of “van de ….” is het geheel.

Hoeveel meisjes zitten er in de klas?

In de klas van 30 leerlingen zitten dus 11 meisjes. De mentor van de klas wil graag weten hoeveel procent van zijn klas een meisje is. Gevraagd wordt dus:

  • hoeveel is het aantal van 11 meisjes in procenten
  • van in totaal 30 leerlingen?

Het deel is dan 11 meisjes, het geheel is 30 leerlingen, dus: meisjes van-leerlingen

Hoeveel is de nettowinst van de omzet?

Het bedrijf heeft in 2013 een omzet gehaald van € 275.000. De nettowinst was in 2013 € 65.000. Gevraagd wordt dus:

  • hoeveel is de nettowinst van € 65.000 in procenten
  • van de omzet € 275.000?

Het deel is dan € 65.000, het geheel is € 275.000, dus:netto van omzet

Hoeveel procent is 90 van (de) 360?

Bij deze som is 90 het deel en is 360 het geheel, dus:

  • hoeveel is 90 in procenten
  • van (de) 360?

Het deel is 90, het geheel is 360, dus: 90 van 360

afsluiter

Print Friendly, PDF & Email