Moet vuurwerk belast worden? Ofwel “de externe effecten van vuurwerk”

Domein D: Markt, Media

Vuurwerkbelasting

Het spel en de knikkers, door Frank Kalshoven

‘De rite van de mateloosheid voorziet in een wezenlijke behoefte’, aldus de Rotterdamse hoogleraar publieksfilosofie Marli Huijer in de vrijdagkrant. Bestuurssocioloog Marc van Ostaijen valt haar bij: ‘De mens wil op gezette tijden het ventiel opendraaien en de lakens lekker opschudden.’ Volgens hem wordt er met Oud en Nieuw ‘een spel met het openbaar gezag gespeeld’.

Hier keek ik wel van op. Het is een argument voor bandeloosheid dat ik zelf echt niet had kunnen bedenken – en daar leest een mens tenslotte een krant voor, om nieuwe dingen te leren.

De vraag die ik erover heb is:wat mag dat kosten, dat opendraaien van het ventiel? Daarvoor moeten we ons verdiepen in de economie van Oud en Nieuw, de economie van het vuurwerk in het bijzonder.

Die economie is om te beginnen een doodgewone markttransactie tussen vragers en aanbieders, die, lees ik in de krant, goed is voor zo’n 70 miljoen euro omzet. Een deel hiervan bestaat uit loon en winst en is dus toegevoegde waarde voor de Nederlandse economie. Laat het de helft zijn, 35 miljoen euro. Althans een deel van de consumenten geniet blijkbaar van een groot consumentensurplus, omdat de met het afsteken van vuurwerk gepaard gaande ‘rite van mateloosheid’ voorziet in een ‘wezenlijke behoefte’. Deze consumenten hebben van 100 euro vuurwerk dus 200 euro plezier.

Aan het feitelijk gebruik van vuurwerk zijn externe effecten verbonden. Sommige zijn positief. Ik genoot dit jaar tussen 00.00 en 01.00 uur bijvoorbeeld gratis en voor niets van door anderen afgestoken vuurwerk.

De meeste externe efecten zijn negatief. Het ontploffende vuurwerk veroorzaakt schade aan de luchtkwaliteit en doet afbreuk aan het welzijn van wilde dieren en huisdieren. Het geknal veroorzaakt ook angst bij mensen. Omdat het blijkbaar onmogelijk is het afsteken te beperken tot de jaarwisseling, verstoort vuurwerk de nachtrust, al weken voor 31 december en nog dagen erna.

Vervolgens zijn er nogal wat publieke kosten die samenhangen met ‘het opendraaien van het ventiel’ en het ‘opschudden van de lakens’. Er is gezondheidsschade. Die wordt deels gedragen door de betrokken consumenten, maar omdat we zo’n heerlijk solidair zorgkostensysteem hebben, betalen alle Nederlanders mee aan de afgerukte vingers en uitgebrande oogkassen.

Er zijn de kosten die samenhangen met de openbare orde: politie en brandweer zijn op volle sterkte – uiteraard tegen het feestdagentarief uit de cao. Omdat er ‘een spel met de openbare orde wordt gespeeld’ betalen agenten, brandweerlieden, maar bijvoorbeeld ook ambulancepersoneel psychische kosten bij het uitvoeren van hun werk. Ze worden beschimpt, gespuugd, tegengewerkt, bedreigd.

Dan is er nog materiële schade bij particulieren. Het Verbond van Verzekeraars schat die de afgelopen week op tussen de 15- en 20 miljoen euro.

Vergroot vuurwerk de welvaart in brede zin? Je moet wel een heel grote waarde toekennen aan de ‘rite van mateloosheid’ om uit deze opsomming van kosten en baten een positief saldo te krijgen. Sowieso zijn de lusten en lasten scheef verdeeld.

Er is geen politieke wil (of moed) om het afsteken van vuurwerk voortaan over te laten aan professionals, wat ronduit de beste beleidsoptie zou zijn. Maar tot het zover is mag een vuurwerkbelasting toch zeker wel rekenen op een politieke meerderheid? Alle externe effecten van vuurwerkconsumptie horen in de prijs thuis.

Nederland heeft niet zozeer een ‘wezenlijke behoefte’ aan mateloosheid als wel aan helder denken met gezond verstand. Ik wens u daarom een helder 2019!

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek.
Reageren? frank@argumentenfabriek.nl