Monopolie

Monopoly_logo1

Kenmerken van de marktvorm monopolie

  • Er is slechts één aanbieder.
  • Het product is homogeen want de consument kan geen onderscheid maken omdat er maar één product is.
  • De monopolist is een prijszetter. Als enige aanbieder kan hij zelf bepalen wat de prijs wordt én hij bepaalt ook welke hoeveelheid hij wil afzetten.
  • Vrije toetreding is niet mogelijk of ongelofelijk moeilijk.
  • De markt is niet transparant.
  • Er zijn – zoals bij alle marktvormen – veel vragers.

Voorbeelden van monopolies

  • BrabantWater. Wie in Midden-Brabant leidingwater wil kopen komt automatisch bij BrabantWater: er is geen andere aanbieder.
  • Microsoft. Wie een besturingsprogramma op zijn pc of laptop wil komt vrijwel automatisch bij Microsoft.
  • Treinreizen. Wie in Nederland wil treinen is vrijwel uitsluitend aangewezen op de NS.
  • Uitgifte van rijbewijzen en paspoorten. Wie in Nederland een rijbewijs of paspoort nodig heeft, kan dat alleen bij de overheid kopen.

Soorten monopolie

Een monopolie kan in meerdere vormen bestaan:

  • Wettelijk monopolie. Een bedrijf heeft door een octrooi of door een wettelijke bepaling een monopolie.
  • Natuurlijk monopolie. Eén grote aanbieder produceert goedkoper dan vele kleintjes. Voorbeeld: in Nederland is het stroomnetwerk in handen van Tennet en is het spoorrailsnetwerk in handen van ProRail.
  • Technisch monopolie. Op basis van een technologische voorsprong heeft een bedrijf het monopolie.

Prijsafzetfunctie van de monopolist

Omdat de monopolist bepaalt wat de prijs van zijn product is, is de betalingsbereidheid van de vragers doorslaggevend. De prijsafzetfunctie is dus gelijk aan de collectieve vraagfunctie: Qv = GO = P.

Monopolie_grafiek_basis

Mogelijke bedrijfsdoelstellingen van een monopolist

Iedere monopolist bepaalt zelf welke bedrijfsdoelstelling hij nastreeft. Hij kan kiezen voor kostendekking, omzetmaximalisatie of winstmaximalisatie.

Bedrijfsdoelstelling Betekenis Voorwaarde
Kostendekking Totale Winst (TW) is 0 TO = TK of GO = GTK
Omzetmaximalisatie Totale Omzet (TO) is maximaal MO = 0
Winstmaximalisatie Totale Winst (TW) is maximaal MO = MK

De meeste bedrijven streven naar winstmaximalisatie. Dat geldt ook voor monopolisten. Soms wordt, al dan niet gedwongen, gekozen voor een andere doelstelling.

Bedrijfsdoelstelling Kostendekking

Kostendekking treffen we vooral aan bij nutsbedrijven die – grotendeels – in handen zijn van de overheid of bij de overheid zelf. Winst behalen is niet nodig omdat de overheid wenst dat zoveel mogelijk mensen gebruik kunnen maken van de geleverde dienst of het product.

Monopolie_grafiek_kostendekking2

In de grafiek is te zien dat er twee punten zijn waarbij de GO gelijk is aan de GTK: de verkoopprijs = de kostprijs. Het BEP kan ook gevonden worden door de TO gelijk te stellen aan de TK. BEP staat dan ook voor BreakEvenPunt. In beide punten is de winst gelijk aan 0. Deze monopolist kan kiezen welke hoeveelheid dan zal afzetten, maar in het geval van de overheid zal ze kiezen voor BEP2 omdat dan de afzet groter is en de verkoopprijs lager.

Bedrijfsdoelstelling Omzetmaximalisatie

Vreest een monopolist toetreding van een concurrent uit een andere sector, dan kan hij kiezen voor een zo hoog mogelijke omzet, met een hogere afzet en lagere prijs, om aldus te proberen de verwachte concurrentie buitenspel te zetten. Hij krijgt dan een groter marktaandeel en vanwege de lagere prijs wordt het voor de concurrentie moeilijker om zijn markt binnen te dringen.

Een monopolist behaalt zijn hoogst mogelijke omzet als de MO = 0; een extra product verkopen levert dan geen bijdrage meer aan de Totale Omzet (TO).

Als voorbeeld, maar niet helemaal zuiver, kan de dienstverlening van banken in Nederland genomen worden. Op dit moment (zie http://www.volkskrant.nl/tech/banken-moeten-haast-maken-met-innovatie~a4229884/ van 21 januari 2016) voelen de banken de hete adem in hun nek van alternatieven voor geld (bitcoins), nieuwe aanbieders van betalingsverkeer (Amazon, Alibaba, Apple) en nieuwe vormen voor het verkrijgen van leningen (crowdfunding). Dit dwingt ze tot maatregelen en één ervan zou kunnen zijn om de tarieven te verlagen en dus over  stappen naar omzetmaximalisatie.

Monopolie_grafiek_omzetmaximalisatie2

Bedrijfsdoelstelling Winstmaximalisatie

Verreweg de meesten ondernemingen willen hun winst zo groot mogelijk maken. Omdat de monopolist zelf kan bepalen hoeveel hij tegen welke prijs wil verkopen, kiest hij het punt waarbij het “gat” tussen de prijs (GO) en de kostprijs (GTK) het grootst is. Dat punt is het punt waarbij de Marginale Opbrengst (MO) gelijk is aan de Marginale Kosten (MK); zolang de extra opbrengst van één product meer maken en verkopen groter is dan de extra kosten voor dat ene product, wordt er dus extra winst aan de totale winst (TW) toegevoegd.

  • MO > MK: TW stijgt.
  • MO = MK: TW maximaal.
  • MO < MK: TW daalt.

Monopolie_grafiek_winstmaximalisatie

Rekenvoorbeelden

Let op: deze rekenvoorbeelden en de bovenstaande grafieken hebben niets met elkaar te maken!

Voordat de rekenvoorbeelden aan de orde komen eerst wat rekenwerk

Berekenen prijsafzetfunctie

De prijsafzetfunctie is niets anders dan de collectieve vraagfunctie in een andere gedaante. De Qv-functie moet omgebouwd worden zodat er staat P = in plaats van Qv =. In dit geval hoeven alleen de Qv en de P omgewisseld te worden!

  • Qv = -P + 50
  • P = -Q + 50
Berekenen TO-functie
  • P = -Q + 50
  • TO = P x Q
  • TO = (-Q + 50) x Q
  • TO = -Q² + 50Q
Berekenen TW-functie
  • TO = -Q² + 50Q
  • TK = -2Q² + 50Q + 225
  • TW = TO – TK
  • TW = -Q² + 50Q – (-2Q² + 50Q + 225)
  • TW = -Q² + 50Q + 2Q² – 50Q – 225
  • TW = Q² – 225

Om de MO, de MK en de MW te berekenen, moeten de TO, de TK en de TW gedifferentieerd worden. Voor de duidelijkheid is dat hieronder gedaan, maar dat hoeft door havo-leerlingen niet gekend te worden.

Berekenen MO-functie
  • De MO is de eerste afgeleide van de TO-functie
  • TO = -Q² + 50Q
  • MO = TO’
  • MO = -2Q + 50

De MO-functie is dus tweemaal zo steil als de GO-functie, maar ze starten beiden op hetzelfde punt op de P-as.

Berekenen MK-functie
  • De MK is de eerste afgeleide van de TK-functie
  • TK = -2Q² + 50Q + 225
  • MK = TK’
  • MK = -4Q + 50
Berekenen MW-functie
  • De MW is de eerste afgeleide van de TW-functie
  • TW = Q² – 225
  • MW = TW’
  • MW = 2Q
Rekenvoorbeeld doelstelling kostendekking

Kostendekking wordt behaald als de winst 0 is dus als TO = TK (of GO = GTK). Bereken bij welke productie dat het geval is.

  • TO = -Q² + 50Q
  • TK = -2Q² + 50Q + 225
  • Voorwaarde: TO = TK
  • -Q² + 50Q = -2Q² + 50Q + 225
  • -Q² + 2Q² = 225
  • Q² = 225
  • Q = √225
  • Q = 15
  • P = -Q + 50
  • P = -15 + 50
  • P = 35
Rekenvoorbeeld doelstelling omzetmaximalisatie

Omzetmaximalisatie wordt behaald als MO = 0. Bereken bij welke productie en bij welke prijs dat het geval is.

  • MO = -2Q + 50
  • Voorwaarde: MO = 0
  • 0 = -2Q + 50
  • 2Q = 50
  • Q = 25
  • P = -Q + 50
  • P = -25 + 50
  • P = 25
Rekenvoorbeeld winstmaximalisatie

Winstmaximalisatie wordt behaald als MO = MK. Bereken bij welke productie en bij welke prijs dat het geval is.

  • P = –0,25Qv + 60
  • MO = –0,5Q + 60
  • MK = 0,3Q
  • Voorwaarde: MO = MK
  • -0,5Q + 60 = 0,3Q
  • -0,8Q = -60
  • Q = 60 / 0,8
  • Q = 75
  • P = -0,25 x 75 + 60
  • P = -18,75 + 60
  • P = 41,25

Strategieën van een monopolist

Een monopolist kan gebruik maken van diverse strategieën om zoveel mogelijk profijt te hebben van zijn monopolie.

Prijsdifferentiatie

Onder prijsdifferentiatie wordt verstaan verschillende prijzen rekenen voor technisch gelijke producten. De prijsverschillen zijn gebaseerd op kostenverschillen.

Voorbeelden van prijsdifferentiatie zijn:

  • Verschillende prijzen voor een bungalow op een vakantiepark: midweek/weekend/hoogseizoen/laagseizoen.
  • Verschillende prijzen voor elektriciteit: piek- en daltarief.
  • Verschillende prijzen voor treinritjes: spitsuren/daluren.

Prijsdiscriminatie

Onder prijsdiscriminatie wordt verstaan verschillende prijzen rekenen voor gelijke producten aan verschillende afnemers. De prijsverschillen zijn gebaseerd op afzetomstandigheden.

Voorbeelden van prijsdiscriminatie zijn:

  • Verschillende prijzen voor CD’s: in Amerika wordt een andere prijs gehanteerd dan in Europa (is op basis van regio).
  • Verschillende prijzen voor treinritjes: voor 65-plussers wordt een andere prijs gehanteerd dan voor andere reizigers (is op basis van leeftijd).

Noodzakelijke voorwaarden om prijsdiscriminatie toe te kunnen passen:

  • Eén aanbieder die de markt controleert.
  • De markten moeten strikt gescheiden zijn zodat doorverkoop niet mogelijk.
  • De vraagfunctie op de verschillende markten moet verschillend zijn, zodat het toepassen van prijsdiscriminatie tot een hogere winst leidt.

Productdifferentiatie  

Onder productdifferentiatie wordt verstaan het leveren van vergelijkbare producten in diverse uitvoeringen waardoor er verschillende prijzen gevraagd kunnen worden. Productverschillen zijn een mix van: kwaliteit, merk, verpakking en service.

Ω

Print Friendly, PDF & Email