Russische roulette met de geldpers

Onderstaand artikel is verschenen in De Pers op 8 november 2010. Het is een interessant artikel, omdat het waarschuwt voor het aanzetten van de geldpers. Toch besloot de ECB in januari 2015 om ook de geldpers aan te zetten: van maart 2015 tot en met september 2016 koopt de ECB maandelijks voor 60 miljard euro staats- en bedrijfsobligaties van banken en financiële instellingen. In totaal voor 19 x 60 miljard euro wat in totaal 1,14 biljoen ofwel 1140 miljard euro is.

Waarschuwing

Sluit nu een verzekering af tegen inflatie.

Langzaamaan wordt duidelijk dat de remedie voor de financiële crisis leidt tot de volgende. En die gaat gepaard met hoge inflatie.

Er is een eind gekomen aan een periode van dertig jaar met gestage economische groei, stijgende huizenprijzen, lage werkloosheid, lage rente en lage inflatie. Hoewel de wereldeconomie in 2009 om één minuut voor twaalf door de centrale banken is gered van de onmiddellijke ondergang, moet het meest vernietigende deel van de grote crisis nog komen.

Volgens de Bosnisch-Nederlandse macro-econoom Edin Mujagic gaan we een periode tegemoet met langdurige, hoge en ontwrichtende inflatie. Hij schreef er een boek over, dat net in de winkels lag toen de Amerikaanse bankpresident Bernanke besloot om voor 600 miljard dollar geld bij te drukken. Goede timing.

Mujagic vreest nu dat hij nog sneller gelijk krijgt dan hij al dacht. Op korte termijn lijkt het aanzetten van de geldpers aantrekkelijk om de economie aan de praat te houden, op langere termijn zijn de gevolgen groot. Volgens Mujagic is het ongeveer hetzelfde als een brand blussen met benzine.

Hij ziet het als zijn morele plicht om te waarschuwen tegen naderend onheil, ook al ‘heeft de mensheid talloze keren laten zien niets van de historie te hebben geleerd’. Het moment om een verzekering tegen inflatie af te sluiten is nu.

De Amerikaanse centrale bank heeft de geldpers aangezet. De gevolgen zullen desastreus zijn.

De Amerikaanse bankpresident Bernanke heeft in eind november 2010 voor 600 miljard dollar in de economie gepompt door de geldpers aan te zetten en voor dat bedrag staatsobligaties te kopen. Hij hoopt op een lage rente en een iets hogere inflatie, waardoor de economie een zetje krijgt en de hoge werkloosheid in de VS wat afneemt.

Veel economen vrezen dat het zetje kan uitpakken als een flinke duw in het ravijn. Ze noemen de actie van Bernanke ‘een levensgevaarlijk experiment’ en ‘Russisch roulette met de wereldeconomie’. Volgens de Amerikaanse econoom Feldstein leidt de actie van Bernanke tot veel hogere, en misschien zelfs onbeheersbare inflatie.
Superbelegger Jim Rogers zegt dat Bernanke niets van economie begrijpt: ‘Zijn hele intellectuele carrière is gebaseerd op zijn studie van het drukken van geld, geef de man een drukpers en hij gaat drukken zo snel als hij kan.’ En fondsbeheerder Axel Merk, goed voor 600 miljoen, verwacht als reactie daarop prijsverhogingen van de Aziatische exporterende bedrijven. Gevolg: prijsinflatie, en dat is wat Bernanke juist niet wil.

Alle seinen op groen

Voor de huidige generaties in de westerse economieën is inflatie een spook uit het verleden. Iets dat zich in de jaren twintig en dertig in Duitsland afspeelde, misschien iets dat in de jaren zeventig een probleem was, iets dat alleen voorkomt in door krankzinnigen geleide landen, zoals Zimbabwe.

Dat gaat dus veranderen. Alle seinen staan op groen voor een lange periode met hoge inflatiecijfers. Volgens macro-econoom Edin Mujagic moet het meest vernietigende deel van wat hij de Grote Crisis noemt nog komen, en komt het, in zijn woorden, ‘als langdurige pijn, die almaar heviger zal worden, in de vorm van ontwrichtende, torenhoge inflatie’

Mujagic schreef het recent verschenen boek “Het Inflatiespook”. Hij bespreekt daarin allerlei mogelijke oorzaken van inflatie, waarmee we – en dat is uniek – de komende jaren allemaal tegelijkertijd te maken krijgen. Schaarste bijvoorbeeld. Grondstoffen als koper, olie, aardgas, kobalt, goud en platina zijn of worden schaars, worden duurder en zorgen vooral in de westerse wereld voor inflatie.

Agrarische producten als tarwe, maïs, cacao, koffie, thee, suiker, vlees, rijst, soja, palmolie, katoen en vis worden schaars en dus duur. Van veel van deze producten zijn de prijzen al historisch hoog, terwijl tegelijkertijd de oogstverwachtingen somber zijn en de vraag sterk toeneemt. Juist in arme landen, waar een groot deel van de inkomens aan voedsel wordt besteed, leidt dit onmiddellijk tot hogere inflatie.

Turbo-effect

Schaarste wordt niet alleen veroorzaakt door groei van de wereldbevolking, misoogsten, oorlogen, klimaatproblemen en grondstoffen die op raken. De stijgende welvaart in landen als China, India en Brazilië zorgt voor veranderende consumptiepatronen, die de vraag naar producten die nu al schaars zijn doen exploderen. Dat geeft een turbo-effect aan de inflatie.

Er zijn meer factoren die de inflatie zullen aanwakkeren. De Chinese president Hu Jintao is vorige week door het Amerikaanse tijdschrift Forbes uitgeroepen tot machtigste man van de wereld. Terecht. China zit op gigantische dollarreserves en kan daarmee in feite de economie van de VS maken of breken. De reserves zijn opgebouwd uit het reusachtige handelsoverschot tussen China en de VS. En dat is er ook tussen Europa de China.

We importeren gemeten in geld drie keer zoveel uit China als we naar dat land exporteren. Dus komt er druk op China om zijn munt, de yuan, duurder te maken. Dan wordt het in theorie voor ons minder aantrekkelijk spullen in China te kopen, en voor de Chinezen aantrekkelijk om om bij ons te kopen. In de praktijk echter is het volgens Mujagic vrijwel onmogelijk om de goederen die we uit China halen elders (goedkoper) te betrekken. Ook na opwaardering van de yuan. Die zal er dus alleen voor zorgen dat hier de prijzen van kleding, textiel, elektronica, en speelgoed stijgen. Inflatie dus.

En als China de yuan niet opwaardeert, kunnen andere landen hun munt wel afwaarderen. Taiwan, Korea, Japan en Brazilië doen dat al, andere landen (Zwitserland, Singapore) overwegen het. Het grote voordeel van devaluatie is dat je alle schulden die in jouw munt zijn aangegaan, veel goedkoper kunt aflossen. Het nadeel is dat de prijzen voor alle importproducten stijgen – dus inflatie.

Als grote economieën hun munt afwaarderen, zullen andere dat ook moeten doen en dreigt er een domino-effect dat we valuta-oorlog noemen. Over wat de gevolgen daarvan precies zijn, verschillen de economen van mening, maar dat we die gevolgen kunnen samenvatten onder de term ‘desastreus’, vinden zij unaniem.

Spaargeld

Na dertig jaar relatief lage inflatie lijkt alles erop te wijzen dat we de komende tien jaar te maken krijgen met hoge inflatie. Dat wil zeggen dat ons spaargeld minder waard wordt. Dat onze pensioenen worden uitgehold. Dat de prijzen harder en in ieder geval eerder stijgen dan de lonen. Dat de koopkracht daalt. De welvaart daalt. De economie crasht.

En politici kunnen daar niets tegen doen. Ze willen de economie stimuleren door er extra geld in te pompen. Gevolg: inflatie. Omdat de financiële crisis is bestreden met enorme geldinjecties door de overheden, zijn de staatsschulden met ettelijke duizenden miljarden gestegen. Een probaat middel om die ooit te kunnen afbetalen is opnieuw inflatie. Een schuld van vierhonderd miljard euro die over acht jaar nog maar de helft waard is, lost een stuk gemakkelijker af.

In zijn boek trekt Mujagic onverdroten de conclusie ‘dat we een nieuwe, onaangename periode ingaan. Aangezien de overheid in die nieuwe wereld niet meer uw bondgenoot zal zijn, omdat uw belangen en die van de overheid uiteenlopen, is het zaak als nooit tevoren zelf op zoek te gaan naar informatie om de juiste beslissing te nemen’.

Waar gaat het pijn doen?

‘Inflatie is net tandpasta. Eenmaal eruit kun je het niet meer terug in de tube krijgen. Het beste is dus om niet te hard te drukken op de tube’ (Karl-Otto Pohl, ex-president van de Duitse centrale bank).

Schaarste aan grondstoffen waarvoor (nog) geen alternatief bestaat is de eerste motor van inflatie. De komende jaren zal vooral het tekort aan zoet water de agenda bepalen. In sommige streken gaat het om drinkwater, in de meeste betreft het water voor de landbouw. Wateroorlogen zijn niet uitgesloten. Met   minder water, slechtere oogsten en meer mensen zullen de voedselprijzen fors stijgen. Net als de olie- en gasprijzen: reken op 150 tot 200 dollar per vat, twee euro de liter aan de pomp. En denk voorts aan alle producten waarin schaarse delfstoffen zitten, of arbeid in landen die toch al veel inflatie hebben.

De vergrijzing zal in Europa grote druk zetten op alle collectieve voorzieningen en de economische groei afremmen. Waarmee een belangrijk wapen tegen inflatie verdwijnt. Waardoor belastinginkomsten tegenvallen. De staatsschuld nog moeilijker is af te lossen. Het gaat de komende jaren dus pijn doen in uw salaris, dat altijd pas achteraf wordt geïndexeerd. En verder merkt u het bij uw dagelijkse boodschappen, aan de benzinepomp, in de elektronicawinkel, bij alle overheidsloketten, in de zorgpremies, op uw spaarrekening en in uw pensioen. Als u uw baan houdt kunt u zomaar 25 procent achteruit kachelen, nu en na uw pensioen. Zonder baan gaat het veel harder.

Waarom er geen deflatie komt

Sommige economen denken dat er geen inflatie komt maar deflatie, het tegenovergestelde. Dat gebeurde in de VS in de jaren dertig. Geld wordt dan meer waard in plaats van minder. De prijzen dalen omdat niemand wat koopt. En bij dalende prijzen koopt niemand wat, in afwachting van nog lagere prijzen. De vraag valt uit, de productie daalt, de werkloosheid stijgt. De gevolgen voor economie en welvaart zijn ook in dit scenario verschrikkelijk.

Bankpresident Ben Bernanke, ja hij weer, zal het nooit zo ver laten komen. In het uiterste geval, zo zei hij, zal hij een eindeloze hoeveelheid 100-dollarbiljetten drukken en vanuit een helikopter uitstrooien boven de VS. Dat is bijna hetzelfde als wat hij al doet met die 600 miljard.

Bescherm Uw geld: zes tips
  1. Grondstoffen worden duurder. Vooral basismetalen, landbouwproducten en zilver hebben een hoge correlatie met inflatie. Particulieren kunnen beleggen via certificaten, turbo’s en eenvoudige trackers. Let op valutarisico’s.
  2. Als grondstoffen duurder worden, beleg dan in bedrijven die handelen in grondstoffen. Tips: Repsol YPF, Total, SBM Offshore, Rio Tinto, Premier Oil, Lynas Corporation, Nautical Petroleum.
  3. Beleg in vastgoedaandelen. Die fondsen keren de winst bijna volledig uit. Inflatie wordt deels opgevangen door geïndexeerde huurprijzen. Let wel op de fundamenten. De voornaamste risico’s zijn toekomstige afwaarderingen wegens prijsdalingen en langdurige leegstand. Kijk dus goed uit en kies voor kwaliteit. Goede mogelijkheden: Corio en Kardan.
  4. Wie niet in stenen wil, kiest voor aandelen met een hoog dividend van bedrijven met stabiele inkomsten. Denk aan telecom- en nutsbedrijven. KPN, France Telecom, Deutsche Telekom. Verder: Grontmij.
  5. Inflation linked bonds. Obligaties waarvan de coupon gekoppeld is aan de inflatie. Zijn er in soorten en maten. Kies er bij voorkeur een met een hoge aanvangscoupon. Laat je goed adviseren.
  6. Perpetuele leningen. Eeuwigdurende leningen die in de toekomst worden teruggekocht. We noemen de 8% perpetuele lening van ING, de 11,25% van SNS en de 8,375 Eurekolening. Deze worden waarschijnlijk rond 2015 teruggekocht tegen 100% van de uitgiftekoers.

Bron: Bustelberg Effektenkantoor BV, www.bustelberg.nl

Manipulatie met inflatiecijfers

De officiële inflatiecijfers van het CBS zijn gebaseerd op een standaard mandje goederen en diensten, samengesteld op basis van internationale afspraken. Dat leidt tot een officiële inflatie van 25% in tien jaar tijd. (1999-2009). Onder normale omstandigheden is een lage inflatie gunstig voor de overheid. Cao’s en pensioenen worden geïndexeerd op basis van de officiële inflatiecijfers en zijn dus mild gestegen.

Als de officiële cijfers kloppen zijn een biertje, een dagmenu, een huis, een auto, een bioscoopkaartje, een liter benzine, een paperback, een haring en een loodgieter nu 25% duurder dan tien jaar geleden. U weet natuurlijk wel beter: ze kosten nu in euro’s wat ze toen in guldens waren. Inflatie: 120%. De officiële cijfers liegen dus. En dat u denkt dat het geld veel harder uit uw portemonnee vliegt dan het CBS beweert, komt alleen door uw emoties. Met een mooi woord noemen we dat tegenwoordig de ‘gevoelsinflatie’.

Een paar inflatieweetjes
  • De Romeinen. Rond het jaar 300 is de Romeinse economie te gronde gegaan aan hyperinflatie. Het zilvergehalte in de munten was gedaald van 100% naar 0,01%.
  • De Chinezen. In de 10e eeuw introduceerden de Chinezen papiergeld. Keizers die de geldpers lieten draaien veroorzaakten hyperinflatie in 1160 en in 1448.
  • De Fransen. Na 1789 hebben de Franse revolutionairen voor honderden miljarden geld bijgedrukt. De inflatie liep op tot 140 procent per maand. Aan alles was schaarste.
  • De Duitsers. In de jaren twintig van de vorige eeuw kende Duitsland hyperinflatie. Een onsje ham kostte 8 miljard. Een postzegel kostte 50 miljard. De prijzen verdubbelden elke 49 uur.
  • Hongarije. In de zomer van 1946 bedroeg de inflatie in Hongarije 41,9 quintiljoen procent. Al het Hongaarse geld bij elkaar was toen nog 0,01 dollarcent waard.
  • Servië. In januari 1994 liep de inflatie in Servië op tot ruim 300 miljoen procent. De prijzen verdubbelden bijna per dag. Alleen in Zimbabwe was het nog erger.

Ben Rogmans/De Pers, 8 november 2010

Print Friendly, PDF & Email